Element

Inzetten

In de inzetingave worden alle inzetten getoond die in de positie ingezet kunnen worden.
In het onderste deel worden alle mogelijke deuren en schuifdeuren getoond.
in het bovenste gedeelte worden alle mogelijke raaminzetten getoond.

Het programma gaat automatisch alle velden af en vraagt daaarbij om een inzet te kiezen.

U kunt ook zelf met de muis een of meerdere velden selecteren daarna een inzet  kiezen.

Onder “zoeken” (links onder) staan eventueeel nog meer inzetten tot uw beschikking.

Nadat u de inzetten van een positie heeft ingegeven, komt u automatisch bij “Eigenschappen positie”. U kunt de eigenschappen positie ook oproepen door links in het functiemenu op de knop “Eigenschappen positie” te klikken.

Hier kunt u glaslat- en dichtingsvarianten bepalen. Verder kunt u hier ontwateringen, waterafvoerkapjes, hoekverbinders en T-verbinders als ook de kleuren bepalen.

Nadat u de positie eigenschappen heeft vastgelegd, kunt u de profielen voor de positie bepalen. Kies hiervoor het profiel uit de lijst aan de linkerzijde. Het rode vraagteken geeft aan waar het te kiezen profiel in het element wordt geplaatst.

Wanneer u met de rechter muisknop op een artikel klikt, wordt het volgende context-menu geopend:

Wanneer u een artikel vaak gebruikt, kunt u dit bij “Favorieten” toevoegen. De favorieten profielen verschijnen bovenaan in de lijst en zijn daarmee direct kiesbaar.

Kies de functie “Artikel-informatie” uit om een gedetailleerde overzicht van het artikel te verkrijgen.

Kozijn

Om alle Kaderprofielen van de positie opnieuw te bepalen kiest u de functie “Kozijn”.

Tussenstijl

Kies de functie “Tussenstijlen” om voor alle tussenstijlen de profielen opnieuw te bepalen.

Regel

Kies de functie “Regel” om voor alle tussenregels de profielen opnieuw te bepalen.

Uitlijnen

De functie “Uitlijnen” geeft u de mogelijkheid om een profiel van het element opnieuw te positioneren.

Er zijn twee mogelijkheden om een positie uit te lijnen.

U kunt als voorbeeld een horizontale huplijn zetten.

Voor elk profiel die u wilt uitlijnen dienen alle uitgekozen profielen parallel met elkaar te lopen.

Klik nu op de knop “Hulplijnen” en voeg een nieuwe hulplijn toe.

U kunt hier ook de optie “Vrij” kiezen. Dit geeft de mogelijkheid om hulplijnen vrij in het elementaanzicht te plaatsen. De mogelijke positie van de hulplijn worden nu getoond door middel van een rode X.

Bevestig de voortgang met de knop “OK”.

Kies de profielen die u wilt uitlijnen en klik daarna op de knop “Overnemen”. De geselecteerde profielen worden nu met een blauwe omranding aangegeven. Selecteer daarna de hulplijn in het aanzicht en bevestig deze door op de knop “Overnemen” te klikken.

Aan de linkerzijde wordt nu een venster geopend waarbij u kunt bepalen hoe de profielen uitgelijnd dienen te worden ten opzichte van de hulplijn.

U kunt in plaats van het uitlijnen van de profielen aan de hulplijn ook de profielen uitlijnen aan de profielen uit het element.

De tweede mogelijkheid is het vrij verschuiven van de geselcteerde profiele.

Klik dan na het selecteren van de profielen op de knop “Vrij verschuiven”.

Hier kunt u kiezen tussen de mogelijkheid “Verschuiving profiel” of “Absoluut (referentie: onderzijde of peil”).

Geef na de keuze een waarde in en klik op “OK” om de waardes over te nemen.

Profielverbinding veranderen

Om een profielverbinding te veranderen, kiest u de functie “Profielverbinding”. Markeer de verbinding die u wilt veranderen en kies in het linker venster de verbinding die u wilt ingeven.

Profielverlenging ingeven

Om voor een element de profielen te verlengen kiest u de functie “Profielverlenging”.

U hebt de mogelijkheid om de verlenging voor alle stijlen in 1 keer te bewerken of om elke stijl afzonderlijk te bewerken.

Wanneer u voor “Alle” kiest vraagt het programma om een waarde voor verlenging boven en voor verlenging onder. Vul de waarde in en deze wordt op het element toegepast.

Wanneer er voor de optie “Afzonderlijk” wordt gekozen selecteer dan met de muis het profiel dat u wilt bewerken en voer hiervoor de waarde voor profielverlenging in.

Profielkoppeling

Om een profiel uit het element op te delen, kiest u de functie “Profielkoppeling”.

Het volgende venster wordt geopend:

Klik op de knop “Toevoegen” of de “Insert-toets” op uw toetsenbord om de maat van de koppeling vast te leggen. Denk er hierbij aan dat de eindaftrek van een profiel kan verschillen.

U kunt de eindaftrek van een profiel in de optimalisatiegegevens veranderen.

Kies de optie “Automatisch” om de koppelingsmaat door het programma te laten berekenen.

Om ook aanvulprofielen en glaslatten bij de profiel koppeling te delen, vinkt u de optie “Ook aanvulprofiel opdelen” en/of “Ook glaslat opdelen” aan.

Nieuwe ingave

Om alle profielen opnieuw te bepalen, kiest u de functie “Nieuwe invoer”. Het programma zal automatisch de positie voor profielkeuze doorlopen.

Wandaansluiting

Met de optie “Wandaansluiting” kunt u een wandaansluiting voor de positie samenstellen

Wilt u een verschuiving voor de wandaansluiting ingeven, geef dan een waarde in bij de optie “verschuiving” links onder in het venster.

Wanddoorsnede

U kunt gedetailleerde instellingen voor een wanddoorsnede ingeven bij de functie “Wanddoorsnede”.

Geef de totaaldikte van de wand in en kies een arcering uit. Indien nodig kunt u ook de optie “Tweedelige wand” aanvinken en de dikte voor wand binnen en wand buiten ingeven.

Daarnaast kunt u de “Afstand van binnen/buiten tot het element” ingeven .

Zo kunt u ook de eigenschappen voor het “Uitlijnen” en de “Aansluiting onder” ingeven.

De preview wordt automatisch aangepast aan de ingegeven waarden. Zo heeft men altijd een actuele voorstelling van de wanddoorsnede.

Horraam

Klik op de functie Horraam om deze te intrigreren in de positie.

Een nieuw venster met meerdere templates voor horramen verschijnt. De type die hier worden getoond zijn toepasbaar voor deze positie.

Nadat er een keuze gemaakt is kunt u nog wijzigingen doorvoeren.

Om uw eigen horramen toe te voegen wisselt u naar tabblad “Eigen posities”.

Tussenprofielen

U kunt in een veld een tussenprofiel plaatsen, klik hiervoor op de functie “Tussenprofielen”. Een nieuw scherm opent zich.

Hier hebt u de mogelijkheid om Stijlen,regels en vrije profielen in een deelveld te plaatsen.

Geef het aantal stijlen/regels aan.

Daarna kiest u de optie “Gelijke glasmaten” of “Vrije maten ingeven”.

Bij de optie “Gelijke glasmaten” worden de tussenprofielen gelijkmatig in het deelveld verdeeld.

Voor de optie “Vrije maten ingeven” kunt u zelf de verdeling bepalen.

Kies de “Maatreferentie” uit die voor de in te voeren maten geldig is.

Vrije profielen toevoegen.

U kunt ook een profiel vrij toevoegen. Het voordeel van deze methode is dat het startpunt met de muis kan worden bepaald. Het eindpunt kan wederom met de muis worden bepaald of u kiest “Hoek” om een hoek in te geven.

Profiel verwijderen

Wilt u de tussenprofielen uit de positie verwijderen dan klikt u op de functie “Alle profielen verwijderen”, “Profiel verwijderen” of “Deel profiel verwijderen”.

Profiel wijzigen

Om een aanwezig tussenprofiel te bewerken kiest u de functie “Profiel wijzigen”.

Profielen uitlijnen 

Wanneer u een schuin tussenprofiel heeft aangelegd kunt u dit profiel uitlijnen.

Kies hiervoor het start-of eindpunt van het profiel, en kies nu de gewenste verbinding.

Stoten wijzigen

Voor het bewerken van een verbinding kiest u de functie “Stoten wijzigen”.

Uw-waarde

Hier kunt u de Uw-waarde van de positie bepalen.

Wanneer er geen Uw-waarde in de stamdata staat ingesteld, kunt u deze voor het glas of paneel hier ingeven.

Nadat een waarde is ingegeven verschijnt er een venster met een berekening van de Uw-waarde.

Klikt u op de knop “Details” om de U-waarde van de afzonderlijke profielen(combinatie) te bekijken.

Om een overzicht van de U-waarde naar excel te exporteren kiest u de knop “Excel”.

Inzetten kopieren

In de elementinvoer kopieert u venster- en deurinzetten incl. beslag binnen een positie.  Zo bespaart u zich het meermaals invoeren.

Klik met de rechtermuisknop op het veld dat gekopieerd dient te worden en selecteer Kopiëren.
Vervolgens kiest u het veld waarin de inzet dient te worden ingevoegd en klikt u op de knop Overrnemen rechtsonder.

 

Was this page helpful?